Publicaties

Start
Concertinformatie
Lustrumfeest 2010
Colofon
Jongerenwerkplaats
Publicaties
Recensies
Geschiedenis
Contactinformatie
Jubileumboekje

 

Koorledenpagina

 

Bach dwingt tot bescheidenheid.

Paul Fluttert,
Leeuwarder Courant,
dinsdag 7 april 2009.

In deze Stille Week bewenen wij gewone mensen onze zonden, maar journalisten vieren nu al hoogtijdagen door het schrijven van vele recensies en beschouwingen over passiemuziek. Over de Matthäus-Passion, de Johannes, de hertaling van Rot en over de Friese versie op basis van Rot. De inhoud van passiemuziek staat nu sterk in de belangstelling zoals ooit juist de uitvoeringspraktijk met sensationele uitvoeringen in hogere tempi op authentieke instrumenten de gemoederen beroerden.

Inhoud van het verhaal, beleving door de luisteraar, de grootheid van Bach , uitvoeringspraktijk: ze vormen een rijke bron voor exaltatie, verheerlijking, instemming, kanttekeningen en zelfs polemieken.

De Oratorium Vereniging Bolsward (OVB) vroeg mij als koorzanger voor haar Vriendenbrief de Matthäus-Passion niet zozeer vanuit de inhoud te beschrijven maar meer vanuit de tijd van Bach. Wie zijn muziek zoveel mogelijk wil uitvoeren zoals Bach het bedoelde, speelt muziek uit de Barok. Die Barok heeft bepaalde kenmerken en regels die voor elke nieuwe uitvoering opnieuw vragen om bestudering en stevig repeteren: ook in Friesland met professionele zangers en enthousiaste amateurs in allerlei samenstellingen.

Hoewel ik als amateurzanger iets van Bach meen te weten, hoor je van dirigenten regelmatig verrassende nieuwe aspecten over juist zijn muziek. Zo wees dirigent Pauli Yap onlangs op een briljant stukje vierstemming koor uit de Matthäus dat maar drie maten lang is. Een volkskoor zingt dat de pas gekruisigde echt de Verlosser van onze zonden is: "Wahrlich dieser ist Gottes Sohn gewesen." Het is in woord en muziek misschien wel de peiler van de Matthäus-Passion dat twee koren telt. Deze twee koren vertolken bijvoorbeeld tegen en over elkaar heen, de woede van een tegen Christus opgezweept volk. In het "Wahrlich dieser ist Gottes Sohn gewesen" voegt Bach ze samen tot een vierstemming koor: het volk is overtuigd. Hier klimt de melodie van sopranen, alten en tenoren omhoog tot de lettergrepen Got-tes, wordt dan heel breed in het woord "Sohn" en daalt weer op "gewesen." Dit alles binnen een begin- en slotakkoord in As majeur.

Wie melodielijnen binnen slechts drie maten weer samenbrengt, is geniaal. Bach pleegde a.h.w. een verkorting zoals je die ook in de barokarchitectuur tegenkomt wanneer bouwers het perspectief een handje helpen, door pilaren letterlijk dichter bij elkaar te plaatsen.

Daarnaast kan men ook vanuit barokke schilderkunst schitterende passages uit De Matthäus zeer aanschouwelijk maken. Zoals door het prachtige schilderij van Rembrandt, Bathseba uit 1654, te vergelijken met de evangelist die de verloochening door Petrus bezingt in "Und ging heraus, und weinete bitterlich." Dit is iets anders dan een robuust koorwerk als het "Sind Donner sind Blitze" waarin een fout nootje wegvalt door de begeleiding van een groot orkest. De partij van de evangelist is in het "weinete bitterlich" zo teer dat je het met één foute noot ontkracht, want het is hoorbaar omdat een solist hier alleen wordt begeleid door een orgeltje en een cello. De zeldzame schoonheid zit in de gevoelige toonzetting van het weinete bitterlich: het zijn maar twee maten met dat enkele melodisch lijntje, maar wat een onovertroffen fraai versierde lijn van kale noten.

Versierde noten zijn bij uitstek een kenmerk van barokmuziek en Bach beheerst dit middel meesterlijk. Hij is zich ten eerste zeer bewust van de betekenis van een woord en zal zijn muziek daarop altijd afstemmen door onder andere ritme, tempo, dynamiek , crescendo en decrescendo, wisseling van toonsoorten (majeur of mineur) én versieringen. In de regel zal hij in recitatieven per lettergreep één noot plaatsen, maar bij emotionele lading kan hij een lettergreep maten lang laten aanhouden op één noot, of onder een lettergreep meerdere noten plaatsen (melismen). In het "weinete bitterlich" schreef Bach een fraai en meesterlijk melisme op de eerste lettergreep van weinete. Het gaat hier dus om een zeer klein maar kwetsbaar element met een meesterlijk effect.

 

Rembrandt gebruikt voor zijn afbeelding van Bathseba even schijnbaar eenvoudige middelen. Ook Rembrandt gaat als geen ander uit van de betekenis van een verhaal. Bathseba moet haar man Uria afvallen om koning David te behagen. Het wordt de dood van Uria en dat weet Bathseba. Het schilderij is bijna kaal, het gaat om Bathseba in haar zielennood. De rest is bijzaak. Wat ertoe doet is de houding van Bathseba en er is maar één middel om haar smart weer te geven: in haar gezichtsuitdrukking en dan vooral haar ogen. Met één foute streep kun je het hele effect teniet doen. Sommige tijdgenoten beeldden Bathseba af als een welhaast vrolijke vrouw waardoor het verhaal wordt ontkracht. De manier waarop Rembrandt zijn Bathseba in 1654 schilderde, is echter even weergaloos als de sierlijke noten van Bach in zijn "Weinete bitterlich".

Als je Bach als barokcomponist benadert, ontdek je weer eens hoe Bach en Rembrandt op eenzame en kwetsbare hoogten staan. Het dwingt je tot grote bescheidenheid en zelfonderzoek. Je zou jezelf als eis moeten stellen dat je als koorzanger even hoorbaar bent als een evangelist en dat een omissie, onregelmatigheid en foute intonatie altijd haarscherp wordt gehoord. Dan zou je de muziekpartituur vooral eens moeten lezen op valkuilen: van links naar rechts en van onder naar boven. Vanuit bescheidenheid. Toen Godfried Bomans in zijn Kopstukken de meesterpianist vroeg naar het geheim van zijn techniek, zei deze:"Gooi alles op de pink, de rest komt vanzelf." Zo zouden uitvoeringen van de passies van Bach ook zijn geholpen door alleen al een kruisgang langs valkuilen in de muziek.

Paul Fluttert

kunsthistoricus

Fieneke van Loon uit Rotterdam bedank ik hartelijk voor haar opbouwende commentaar op een eerdere versie.
Jan Mooij uit Bolsward bedank ik voor het aangeven van het thema: Bach en zijn tijd.
Een uitgebreider versie van bovenstaand krantenartikel verscheen in de Vriendenbrief van de Oratorium Vereniging Bolsward, voorjaar 2009.

 

 


 

 

‘Matthäus’ geboren op Stoaterske Tille

Harje – Pieter de Groot
Leeuwarder Courant, dinsdag 27 maart 2007

De tijd van de Matthäus Passion is weer aangebroken. Ook in Friesland kennen we een rijke traditie, waarvan die te Bolsward door een wonderbaarlijk toeval is ontstaan. Aan de wieg ervan stonden geen Friezen, maar Hollanders, die in de oorlog naar Friesland waren uitgeweken, te weten het kunstzinnige echtpaar Jeanne en Frits Gerretsen-Hulsker uit Den Haag.

Jeanne was violiste, Frits architect. Zij waren antroposoof, in hun huis aan de Zeekant in Scheveningen ontvingen zij gelijkgezinden, die zich het werk van Rudolf Steiner eigen maakten, de zogenoemde Zeekantgroep. Frits Gerretsen had het gebouw van de Haagse Vrije School ontworpen, waar Jeanne muziekles gaf. Toen de school in 1942 op last van de Duitse bezetter werd gesloten, verhuisde het echtpaar naar Friesland.

Ze gingen wonen op de Stoaterske Tille aan de Pikemar tussen Nijesyl en Abbega. Daar zette Jeanne haar lespraktijk voort. Zij deed dat op zo’n aanstekelijke manier dat verschillende leerlingen besloten in de muziek verder te gaan. Later bekende musici als Gerrit Abma, Gerben Bergstra, Bram Feenstra, Gerrit Heeringa en Jan Veninga zijn door Jeanne Gerretsen tot de muze bekeerd.

Vrijwel meteen na aankomst in Friesland ontdekte zij de akoestiek van de eeuwenoude Martinikerk in Bolsward. Zij bedacht zich geen moment en regelde een uitvoering van de Matthäus Passion. Ze charterde de koren De Eendracht uit Abbega, Looft den Heer uit IJlst en het rk jongenskoor uit Sneek, die met een voor de gelegenheid samengesteld orkest op Goede Vrijdag 1943 Bach’s oratorium in de Martinikerk tot klinken brachten.

Haar wens was voor Bolsward een eigen zangkoor op te richten, dat behalve de Matthäus Passion ook andere klassieke composities zou uitvoeren. Kort na de bevrijding in 1945 verscheen daartoe een oproep in het Bolswards Nieuwsblad. Liefhebbers konden zich aanmelden bij een commissie van plaatselijke notabelen, onder wie waarnemend burgemeester Sybren van Tuinen en huisarts Marius ten Cate.

De animo was groot en de Oratoriumvereniging Bolsward was geboren. Er kwamen verzoeken om de Matthäus Passion ook in Dokkum en Heerenveen uit te voeren. Omdat niemand nog eigen vervoer had en er ook nog geen touringcars beschikbaar waren, werden de koorleden in een tochtige legertruck naar de plaats van bestemming gebracht.

Jeanne Gerretsen bleef de Oratoriumvereniging Bolsward, en ook het Sneker cantatekoor en Looft den Heer uit IJlst, dirigeren tot zij in 1949 weer naar het Westen verhuisde. Haar man, die als haar zakelijk leider was opgetreden, werd stadsarchitect in Amsterdam. Gezinus Schrik volgde haar als dirigent op, ook van het Sneker cantatekoor.

Wegens restauratie van de Bolswarder kerk verhuisde de Matthäus Passion tijdelijk naar de Martinikerk in Sneek. Schrik dirigeerde het passieconcert tien keer. In 1959 gaf hij het stokje over aan Bram Feenstra, die tot dan toe hoornist en assistent-dirigent van het Frysk Orkest was en later directeur van de Sneker muziekschool zou worden. Hij heeft de Matthäus Passion twaalf keer gedirigeerd, zowel in Bolsward als in Sneek. Daarnaast zijn onder zijn leiding met veel succes vele grote symfonieën tot klinken gebracht zoals het Requiem van Verdi, de Psalmus Hungaricus van Kodály en The Messiah van Handel.

Als volgende week in de Martinikerk in Bolsward opnieuw de Matthäus Passion weerklinkt – sinds 1999 onder de bezielende leiding van Pauli Yap – is het goed te bedenken dat de vorige maand in de leeftijd van 82 overleden Bram Feenstra hiervoor het bloeiende klimaat schiep, waarvoor zijn eerste lerares Jeanne Gerretsen de kiem had gelegd.

 


Start | Concertinformatie | Lustrumfeest 2010 | Colofon | Jongerenwerkplaats | Publicaties | Recensies | Geschiedenis | Contactinformatie | Jubileumboekje

Bij problemen met of vragen over deze website kunt u contact opnemen met de beheerder.
Laatst bijgewerkt: 31 juli 2010